Heeft jouw kind een kindercoach nodig?

Ze schieten als paddenstoelen uit de grond; praktijken met kindertherapie, speltherapie en kindercoaching. Wanneer bezoek je nu een kindercoach? Hoe maak je onderscheid in al het aanbod? Hoe scheid je het kaf van het koren en weet je of je te maken hebt met een deskundig en professioneel opgeleide therapeut/ coach die jou op de beste manier voor jou kan helpen? En de belangrijkste vraag…. hoe weet je of je kind een kindercoach nodig heeft?

Welke (kinder)coach is betrouwbaar en gaat jou en je kind professioneel begeleiden?
– Check altijd of je een goed gevoel hebt bij iemand en dan bedoel ik> check of je deskundigheid en professionaliteit ervaart. Vrienden hoef je niet te worden; je wilt dat je kind goed geholpen wordt.
– Een psycholoog is geen coach en een coach is geen psycholoog. Helaas is het in Nederland zo dat coach een onbeschermde titel is. Dat betekent dat iedereen zichzelf coach kan noemen. Check daarom de ervaring, het CV/ opleidingen van iemand en neem de referenties eens door. Vaak kun je ook zien aan de samenwerkingsverbanden en andere werkzaamheden of de coach serieus genomen wordt door het werkveld (= door deskundigen).
– Check ook altijd of de (kinder)coach is aangesloten bij een beroepsvereniging, overkoepelende organisaties, die contacten hebben met zorgverzekeraars. Zodra begeleiding, coaching vergoed wordt door een zorgverzekeraar, weet je ook zeker dat de betreffende (kinder)coach voldoet aan strenge kwaliteitseisen.

Volg bij de keuze voor een kindercoach ook zeker je onderbuikgevoel; prettig in omgang is soms beter dan een professorentitel. Maar, check de kwaliteit van coaching dan op andere manieren.

Xpressief Coachen wordt vergoed door de meeste zorgverzekeraars uit de aanvullende zorgverzekering, we kennen een persoonlijke aanpak en werken we vanuit de authenticiteit van je kind en je gezin. Maak je een afspraak? Je bent onvoorwaardelijk welkom.

Wanneer is het raadzaam een (kinder)coach te bezoeken? Let goed op de volgende signalen en interpreteer deze in vergelijk met wat je kind eerder liet zien.

1.  Je kind ervaart moeilijkheden thuis, op school en eigenlijk overal. Als een kind worstelt met zijn emoties, dan heeft het de neiging een grote mond te geven en ‘bijdehand’ te gaan doen, bijvoorbeeld door te reageren op wat een leraar zegt, uithalen naar zijn broertjes/ zusjes en weigeren te luisteren naar zijn sportcoach.

2.  Je kind speelt ineens niet meer veel samen met vriendjes. Hoewel vriendschappen variëren, van tijd tot tijd veranderen en sommige kinderen het prettiger vinden om meer vriendjes af te wisselen, is het vermijden van vriendjes en niet meer spelen met andere kinderen een belangrijk signaal. Let vooral op mededelingen als ‘iedereen haat me’, ‘ik kan echt niets’ of ‘ik heb geen vrienden’.

3.  Je kind ‘vervalt’ in een eerdere ontwikkelingsfase. Normaal werkt het zo; kinderen vervallen in een eerdere ontwikkelingsfase als zich grote veranderingen voordoen (geboorte van een broertje/ zusje, verhuizing of bijvoorbeeld een scheiding). Maar zaken als in bed plassen, aanhankelijk gedrag, onbeperkt gezeur, overmatig ervaren van angst en driftbuien wat niet gerelateerd is aan een (grote) verandering (of als ze langer aanhouden dan ongeveer een week of zes na de grote verandering), dan is dat een signaal.

4.  Je kind is ongelooflijk bedroefd en maakt zich zorgen. 
Alle kinderen maken zich wel eens zorgen en alle kinderen huilen ook wel eens. Dat is onderdeel van opgroeien. Maar zich zo zorgen maken dat het van invloed is op het naar school gaan of het voor zichzelf zorgen, dat is een signaal.

5.  De slaapgewoonten en eetlust is veranderd. Symptomen waarbij je je zorgen kan maken: problemen met in slaap komen, of doorslapen, nachtmerries, veel te veel of veel te weinig eten, heel erge hoofdpijnen hebben en veel last van maagpijn(en).

6.  Je kind ontwikkelt zelfdestructief gedrag. Dit is een erg lastige (moeilijk), want soms stoten kinderen hun hoofd tegen iets zonder dat ze de intentie hebben om zichzelf pijn te doen. Maar herhaaldelijk zelfdestructief gedrag, is een heel belangrijk signaal: nagels in huid zetten waardoor ze pijn heeft/ er bloed uit komt, zichzelf de haren uit het hoofd trekken, snijden van zichzelf of zichzelf (herhaaldelijk) slaan.

7.  Je kind praat regelmatig over de dood, of geeft aan daar regelmatig aan te denken. Het is heel normaal dat je kind praat over dood en doodgaan, omdat ook je kind bezig is met het ontdekken van het concept ‘dood’, maar regelmatig praten en een overmatige interesse in de dood en doodgaan hebben, is ook een heel belangrijk signaal.

Zoals vooraf aangegeven; jij kent je kind het best. Het gaat om je onderbuikgevoel, wat zegt je intuïtie? Zodra je het gevoel hebt dat er iets niet klopt en dat je kind met iets worstelt, dan heb je dat waarschijnlijk goed. Waar je nog meer op kunt letten? Veel kinderen laten in spel zien wat hen bezighoudt, emoties, spanningen en andere gevoelens uiten zij middels spel, kunstwerken en fysieke oefeningen. Speel eens mee, dat geeft je een kijkje in het gevoelsleven van je kind.

Aarzel absoluut niet om dat eerste belletje of mailtje er uit te doen en een kindercoach om raad te vragen. Je kind en je hele gezin heeft er baat bij.

 

 

Bronvermelding: Artikel 1, Artikel (blog) 2, website Xpressief Coachen en Artikel (blog) 3
Afbeelding: Internet